Mei

Reegeit met twee kalfjes

MEI, Bloeimaand

Deze maand explodeert de natuur, in overwegend groen, letterlijk uit haar winterrust.
Bij onbewolkt weer kan tot omstreeks half mei bij zonsopkomst de temperatuur tot onder het vriespunt dalen.
Voor de vogels zijn er insecten in overvloed om de jongen te voeren
De natuur is nu op z’n kwetsbaarst. Voorzichtigheid in de omgang met de natuur is nu geboden. Bij het betreden van ruigten en velden kunnen gemakkelijk vogelnesten van grondbroeders en opgroeiende planten worden vertrapt.
Vooral loslopende honden kunnen nu veel schade aanbrengen.

Eind mei werpt de reegeit al één of twee kalfjes. Zodra de kalfjes geboren zijn likt de reegeit ze schoon en meestal kunnen ze na een paar uur al staan en lopen. De jongen verblijven bijna onzichtbaar en reukloos in de ondergroei verscholen. De geit gaat rustig een eindje verderop eten maar houdt op afstand een oogje in het zeil.
De geit komt de kalfjes regelmatig opzoeken om ze te zogen. Reekalfjes staan aan veel gevaren bloot. Zo hebben ze te duchten van loslopende honden, maaimachines, roofdieren en wandelaars. Landbouwers controleren vaak voor het maaien het hooiland en kijken of er geen reekalfjes aanwezig zijn. Loslopende honden zijn funest voor jonge reekalfjes, omdat ze de reeën opjagen en hierdoor veel onrust veroorzaken. De opgejaagde reeën kunnen in paniek autowegen oprennen en zo gevaarlijke toestanden veroorzaken. Wandelaars die bij toeval op een reekalfje stuiten denken vaak dat het jong verlaten is. Raak het beestje nooit aan, de reegeit zal haar jong niet meer herkennen omdat er dan een andere reuk aan zit. Laat het kalfje gewoon liggen, neem het vooral niet mee. Terugplaatsen in de natuur lukt nooit en levenslange gevangenschap is zeker geen optie!

Ook de hinden “zetten” aan het einde van de maand hun eerste kalfjes.

Zo rond de eerste week van mei werpen de damherten hun geweien af.
Vanaf de tweede helft van augustus tot in september is het nieuwe gewei volgroeid.

De slangen die in Nederland voorkomen zijn uit hun winterslaap ontwaakt. Bij warm weer gebeurt dat ook wel in april. Adder, gladde slang en ringslang paren ook al vanaf deze maand. Ook de hazelworm (een pootloze hagedis) komt weer tot leven.

Planten als duizenblad, wilde peen, Sint Janskruid, witte waterlelie en de zweedse kornoelje gaan nu bloeien. Ook de dopheidestruiken komen in de bloemen. Van de bomen komt de grove den in bloei. Een regen van zwavelkleurig stuifmeel wordt overvloedig losgelaten. Na een regenbui is dit goed te zien in de plassen die achterblijven.

Bij de vogels staan de jongen van de grote bonte specht op uitvliegen.

Vlinders als bont zandoogje, groentje, dikkopje, icarusblauwtje en hooibeestje zijn ook weer te zien.

Van de libellen zijn ook weer vele soorten waar te nemen. Azuurwaterjuffer, bruine glazenmaker, gewone oeverlibel, gewone pantserjuffer, glassnijder, grote keizerlibelle, Noordse witsnuitlibelle, platbuik en viervlek komen regelmatig voor. Het zien van heidelibellen laat nog even op zich wachten.

De eikenprocessierups is ook weer waar te nemen. De vlinder van deze rups heet “eikenprocessierupsvlinder”. Het is een bladetende rups die vooral op eiken voorkomt. De eitjes van de rups komen in het voorjaar uit, zodra de eerste jonge eikebladeren te voorschijn komen. De rups ontwikkelt zich af en toe in zulke grote aantallen dat van een plaag gesproken kan worden. De eikenprocessierups treft men vooral in lanen aan waar je hem aan de zonnige zuidkant van de eikestammen vindt. De nesten bestaan uit een dicht spinsel van vervellingshuidjes, met (brand)haren en uitwerpselen.
De brandharen van de rups kunnen voor de mens een gevaarlijk zijn. De haren zijn erg klein, minder dan een halve milimeter. Elke rups heeft er honderdduizenden van.
Het zijn pijlvormige haren, die bij bedreiging worden afgeschoten. De haren kunnen dan gemakkelijk de huid, de ogen en de luchtwegen binnendringen. De stoffen die van de haren af komen kunnen huiduitslag veroorzaken. Zwellingen, rode ogen en hevige jeuk, zijn het gevolg. Meestal verdwijnen de klachten vanzelf. Het is altijd raadzaam om een arts te bezoeken. Een brandhaartje in het oog kan nare gevolgen hebben.